Lamadi – Sister Helena

Africa, Blog, My travel stories, Tanzania

In de vorige blog heb je kunnen lezen dat ik met stichting Inside The Same (www.insidethesame.com) mee ben naar Tanzania om de kinderen met albinisme te helpen. Samen met Gabriëlle (oprichtster van de stichting), Désirée (secretaris) en John (schoonvader van Gabriëlle) reis ik door Tanzania om ons in te kunnen zetten waar nodig. Kinderen met albinisme zijn hun leven niet zeker. De zogenoemde medicijnmannen geloven dat mensen met albinisme magische krachten bezitten. Het aantal aanslagen loopt op. Kinderen worden naar kampen gebracht zodat zij op een veilige plek kunnen leven. Hulp is heel hard nodig. Onze reis gaat nu verder naar Lamadi.

Het grootste gedeelte van de reis verblijven we in Lamadi, een klein dorpje in het oosten van Tanzania. We hebben een binnenlandse vlucht genomen van Dar es Salaam naar Mwanza. Vanaf daar is het nog 2,5 uur rijden naar Lamadi. Met een ruime 4×4 jeep is dit ritje prima te doen. Onderweg stoppen we bij het Talapia Hotel. Hier ontmoeten we Karene (oprichtster van de stichting Zeru Zeru), haar dochter Lauren en stagiaire Matthew. Zij reizen met ons mee naar Sister Helena. Zij zullen zich daar ook in gaan zetten voor de kinderen met albinisme.

DSCN2849.JPG

Sister Helena heeft een opvang waar op dit moment 65 kinderen verblijven waarvan de meeste albinisme hebben. Er worden ook kinderen opgevangen die thuis een handicap hebben of thuis verstoten zijn. Zij zorgt voor een veilig onderkomen voor deze kinderen.
In Oost-Afrika heerst er een soort vloek over het albinisme. Je bent je leven er niet zeker. De zogenaamde “Witchdoctors” (toverdokters/ medicijnmannen ) geloven dat mensen met albinisme (MMA) magische krachten bezitten. Ze geloven dat ledematen, ingewanden en haar van MMA geneeskrachtig werkt, de toekomst kan bepalen en geluk brengt. In sommigen gevallen worden er zelfs door eigen familie aanslagen gepleegd op MMA omdat het veel geld oplevert.
In Oost Afrika komt albinisme veel voor, maar in Tanzania is dit aantal het grootst. In Oost Afrika worden er 1 op 20.000 baby’s geboren met albinisme en in Tanzania is dit 1 op de 1400! 

Het moment van aankomst bij Sister Helena is emotioneel. Alle kinderen staan buiten te zingen en dansen als we aankomen. We krijgen een enorm warm welkom. Ze blijven achter elkaar door het lied “Karibu Sana” zingenDit betekend letterlijk ‘heel erg welkom’. Het kippenvel staat meteen over mijn hele lichaam. Ik voel al meteen de enorme dankbaarheid van iedereen hier, terwijl we nog niets gedaan hebben. De kinderen komen ons meteen begroeten en knuffelen. Ze willen opgetild worden en samen spelen. Het is voelbaar hoe erg ze liefde moeten missen en daar meteen om komen vragen. Ook Sister Helena begroet ons liefdevol met een dikke knuffel.

We ontmoeten ook meteen de Italianen die hier werken aan het project wat gefinancierd wordt door Inside The Same. Ze laten ons zien hoe ver ze tot nu toe zijn gekomen. Het doel is om binnen een paar weken op dit kamp sanitair aan te leggen. Douches en wc’s zijn er op dit moment niet. De kinderen worden in ijzeren teiltjes gewassen met een stuk zeep en kapotte doeken. De kleinste kinderen dragen geen luiers, dat hebben ze hier niet. Ze laten hun ontlasting gewoon lopen en krijgen dan nieuwe kleding aan. Een stukje hygiene mist hier dus zeker.

Na de lange reis wordt er van ons verwacht dat we direct in de auto stappen om mee te gaan naar de commissaris. Hij wil ons meteen zien. We moeten in een krap busje een lang stuk rijden. Het is warm en we zitten tegen elkaar opgepropt op een houten bankje. We hebben geen idee wat we kunnen verwachten. Langer dan een uur duurt het voor we er zijn. We worden gevraagd te wachten tot de commissaris ons kan ontvangen. Hij laat ons zeker een uur wachten voordat we naar binnen mogen. Sister Helena krijgt een enorme zak rijst om de kinderen mee te kunnen voeden. De commissaris is blij met wat wij hier komen doen en wil ons mee uit eten nemen. Wij zijn eigenlijk uitgeput, maar willen niet ondankbaar zijn en gaan mee. Ik zit naast de commissaris, wat nogal ongemakkelijk is. Hij is alleen maar druk op zijn telefoon. Hij is filmpjes aan het kijken en er is geen contact met hem te krijgen. Hij is vol van zichzelf en lijkt het vooral heel interessant te vinden dat hij ons dit cadeau doet. We zijn blij als we ’s avonds laat eindelijk naar ons hotel kunnen gaan.

Voor de begrippen van hier verblijven wij in een luxe hotel. Dit is voor ons verre van dat. Het is ontzettend primitief. Er zijn een paar kamers. De eigenaresse spreekt geen Engels. Swahili is de taal die zij spreekt. Met handgebaren en een translater moeten we ons zelf duidelijk maken. Ik moet wel even slikken als ik in mijn kamer kom. Het ziet er smoezelig uit. Ik heb een eigen slaapzak en kussen mee, waar ik nu erg blij mee ben. Er zitten allemaal beestjes in de kamer. Er staan een plastic tafel en stoel in de kamer waar ik mijn spullen op kwijt kan. De badkamer is niet veel beter. Mijn wc is een gat in de grond. Uit de douche komen een paar druppels water. Het water komt rechtstreeks uit het Victoria Lake, waardoor er de kans bestaat om ziektes op te lopen. De waskraan wiebelt alle kanten op en ook daar komt een mini straaltje water uit. Of de stroom het doet is ook de vraag. Regelmatig valt deze voor een paar uur uit. Ik was voorbereid op deze situatie, maar toch moet ik wel even een knop voor mezelf omzetten.

Elke ochtend worden we opgehaald door Josiah, onze driver, om naar Sister Helena te gaan. Dit is 5 minuten bij ons hotel vandaan, maar het is niet veilig voor ons om hier over straat te lopen. Er bestaat risico op overvallen en berovingen. De eerste dag delen we de gedoneerde spullen uit. Knuffels, speelgoed, zonnebrand, pap, tandpasta en tandenborstels. Ieder van ons heeft 2 koffers meegenomen met zo min mogelijk spullen voor ons zelf en daarbij de gedoneerde spullen. De kinderen zitten op de grond als wij de spullen uitdelen. Ze worden ontzettend blij als ze zien wat ze allemaal krijgen. De knuffels zijn favoriet. Ze hebben er meteen hun eigen fantasiespel mee.

De meeste kinderen spreken alleen maar Swahili, maar er zijn weinig woorden nodig om met ze te kunnen spelen en ze te begrijpen. Ze hebben vooral liefde en aandacht nodig. De jongste kinderen zoeken dit zelf heel erg op. Ik vind het aangrijpend. Ze klampen zich stuk voor stuk aan je vast. Ze willen opgetild worden en willen vervolgens dat je ze niet meer loslaat. Ze vragen of ik hun moeder wil zijn of dat ze mijn baby mogen zijn. Ze hebben de knuffels heel erg nodig. De grotere kinderen hebben de aanrakingen minder nodig. Zij willen wel graag samen spelen.

DSCN2085.JPG

Als ontbijt krijgen de kinderen een soort van pap. Dit zit in een grote ton. Ieder kind krijgt een ijzeren mok. In een grote kring gaan de kinderen op de grond zitten en drinken dit op. Het volgende eet moment krijgen de kinderen ugali. Dit zijn een soort bonen. Ze krijgen hier rijst bij. Een enkele keer een klein stukje vlees of vis. De voedingswaarde is zeer laag. De kinderen eten met hun handen terwijl ze op de grond zitten. Ze kneden het voedsel tot een balletje en stoppen het in hun mond. Kleinere kindjes zitten er soms verloren bij en snappen de bedoeling niet. Gelukkig zien we dat de oudere meisjes graag zorgen voor de kleinere kinderen. Ze helpen hun mee waar nodig.

Ik ben er mee bezig om van elk kind een soort dossier te maken. Van iedereen maak ik een portret foto. De oudere meisjes die Engels kunnen spreken helpen mij met de namen en leeftijden van de kinderen. Ik praat met Sister Helena om de verhalen achter de kinderen op papier te kunnen zetten. Karen gaat dit jaar nog verhuizen naar Tanzania en kan dan af en toe updates geven over hoe het met de kinderen gaat. Dit kunnen we dan bijhouden in het dossier. De verhalen zijn vreselijk. Zo afschuwelijk wat deze kinderen allemaal hebben moeten meemaken terwijl ze nog zo jong en onschuldig zijn. Het is onbegrijpelijk, ik heb er geen woorden voor.

De moeder van Fatuma (6 maanden) schaamde zich voor een kind dat er anders uit zag. Ze bracht haar bij Sister Helena, maar zij vertelde dat ze nog te jong was. Moeder maakte een grote wond op het hoofdje van Fatuma en bracht haar opnieuw naar Sister Helena. Ze vertelde dat ze was aangevallen. Dit keer besloot Sister Helena dat ze wel mocht blijven. Moeder is nooit meer terug gekomen om haar te bezoeken

Madirisha (1 jaar) is maar net ontsnapt aan de dood. Zijn oma had moordenaars ingehuurd om hem te doden. Oma zei tegen moeder: “why should we all live in poverty when we have an albino child we could kill and get money for- you have billions of shillings on your back!” Moeder is gevlucht en heeft Madirisha voor zijn veiligheid bij Sister Helena achter gelaten. 

De ouders van Michael (11 jaar) wilden hem verkopen. Sister Helena kreeg dit te horen en zij heeft hem toen gekocht zodat hij veilig bij haar kon komen wonen. Toen hij ziek werd belde Sister Helena naar zijn vader om het te vertellen. De vader zei “Ik heb geen zoon, bel mij nooit meer”. Daarna belde ze zijn opa en die zei “je verspilt je geld, de jongen heeft een vloek over zich, ik heb hem betoverd”. Michael werd na een week in het ziekenhuis weer beter. Sister Helena belde naar opa om het goede nieuws te vertellen. Zijn opa was blij, want nu kon hij hem verkopen en wilde hem komen ophalen. Gelukkig heeft Sister Helena dit kunnen tegenhouden en de politie heeft zijn opa opgepakt.

En dit zijn nog maar een paar van de verhalen. Zo heeft elk kind in elk kamp een verhaal. Iedereen heeft wat vreselijks meegemaakt. Mijn hart huilt. Hoe kan dit nog gebeuren op deze wereld.

We smeren de kinderen elke dag in met zonnebrand. Wij vertellen ze dat het heel belangrijk is dat ze dit ook zelf blijven doen als wij er niet meer zijn. De kinderen verbranden ontzettend snel door hun lichte huid en lopen daardoor veel risico op het ontwikkelen van huidkanker. Wij hopen dat ze ons advies begrijpen en hiermee doorgaan.

Kinderen liggen overdag geregeld overal en nergens te slapen. Op de stenen vloer, in het zand of tussen de spelende kinderen. Er is niemand die ervoor zorgt dat ze een middagdutje in bed kunnen doen. Ze vallen gewoon ter plekke in slaap wanneer ze moe worden. Het voelt naar voor ons om ze zo te zien. Als we het zien leggen we ze op de bank of nemen ze bij ons op schoot om te slapen. Voor hier is het normaal, maar wij kunnen er niet aan wennen.

DSCN2647.JPG

Tijdens ons verblijf is het “International Albinism Awareness Day”. De dag dat er wordt stil gestaan bij de bewustwording van albinisme. Mooi dat wij deze dag hier kunnen meemaken. Het is een belangrijke dag. ’s Ochtends vroeg worden alle kinderen helemaal mooi gemaakt om mee te gaan naar het feest. Ze krijgen hun mooiste kleren en schoenen aan. Kroontjes, haarbandjes en sjerpen. Uren lang is iedereen bezig om zich klaar te maken. De kleinste kindjes gaan mee op de motor en de rest gaat lopen. In een grote stoet lopen we naar het beginpunt van het feest. Honderden mensen komen op deze dag af. Er is muziek, er wordt gedanst en iedereen is heel blij. Met zijn alle lopen we naar de plek van het feest. Daar staan stoelen en tenten klaar op een veld. De kinderen van Sister Helena treden op en er worden allerlei toespraken gehouden. Groot feest voor iedereen daar! Er wordt de hele dag in het Swahili gesproken waardoor wij niet meekrijgen wat er precies allemaal gezegd wordt, maar het is een groot spektakel.

“God created our skin tones with beautiful variety, but all of our souls are the same colour”

Gabriëlle en ik gaan voor 3 dagen naar Shinyanga om een ander kamp te bezoeken. Meer hierover vertel ik in de volgende blog. Als wij terug komen hebben we nog een hele dag om bij Sister Helena mee te helpen. In de ochtend verteld ze ons dat er kinderen worden opgehaald door hun ouders om een paar weken vakantie thuis te kunnen doorbrengen. De kinderen worden allemaal weer mooi aangekleed voor de speciale dag. De ouders gaan eerst met Sister Helena praten en daarna komen alle kinderen erbij zitten op een kleed. Het is heel apart om te zien dat er afstand wordt gehouden en dat ze helemaal geen contact zoeken met hun kind. De ouders zitten om de kinderen heen op een bankje. Er wordt in het Swahili gesproken dus wij kunnen niet volgen wat er verteld wordt. Ineens gaan er een heleboel kinderen huilen. Heel hard en intens. Wij begrijpen niet wat er gebeurd, de hele sfeer veranderd. Kippenvel staat meteen op mijn armen. We vragen wat er aan de hand is en komen er dan achter dat ouders een klein bedrag moeten betalen om hun kind mee te nemen en dat veel ouders dit niet hebben. De ouders wisten dit van te voren. Het is een soort van borg dat ze hun best hebben gedaan om hun kind te mogen meenemen en weer terug komen brengen. Er zijn maar 11 kindjes die uiteindelijk blij met hun ouders mee mogen gaan. De rest blijft heel erg verdrietig achter. Uren lang wordt er gehuild en de kinderen zijn ontroostbaar. Hartverscheurend om hun pijn van zo dichtbij mee te maken. Wij zijn ook erg aangedaan. We proberen zoveel mogelijk kinderen te knuffelen en steunen.

De laatste dag is aangebroken. We moeten afscheid gaan nemen van de kinderen en Sister Helena. Dat is een lastig moment. We maken nog wat laatste foto’s en video’s en knuffelen met iedereen. Loslaten is moeilijk. Het doet pijn om de kinderen hier zo achter te laten. In korte tijd heb ik een band opgebouwd met de kinderen. Ik hoop op het beste voor ze. Ook bij het afscheid wordt er weer uitgebreid voor ons gezongen. Terwijl ze “Asante Sana” (heel erg bedankt) zingen, zwaaien ze ons gedag. Met een traan vertrekken we door de poort.

DSCN2448.JPG

Een ontzettend mooie, maar vooral ook heftige ervaring om hier voor een langere tijd te zijn en de kinderen te helpen. Het is lastig te beschrijven hoe het hier was. Emoties heb ik daar goed kunnen uitschakelen, ook al was het een aantal momenten flink slikken, maar die moeten nu nog wel verwerkt worden. Het is niet niks wat je ziet en meemaakt. Het liefst zou ik ze toch allemaal mee naar huis nemen. Voor nu is het weer vanuit Nederland doen wat we kunnen. De kinderen hebben een plekje in mijn hart. Hopelijk ga ik ze weer terug zien. 

“You can do anything but not everything” 

3 gedachtes over “Lamadi – Sister Helena

  1. Ach, wat mooi maar ook heftig om het leven van die lieve kindjes mee te maken.. zo dichtbij .ze knuffelen en niet te zwaar gebukt gaan onder al je emoties.. Fantastisch, al die daadwerkelijke hulp, en straks goede sanitaire middelen! Ik hoop zo dat er goede zorg en liefde voor hen is. Met veel giften voor Inside the same!

    Like

  2. Wat heb je het mooi verwoord ,zo kunnen wij het ook een klein beetje meebeleven.
    Snappen doen we het niet, dat dit bestaat,wat leven wij toch in een mooi land.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s